Een tijdspanne waar “gulpengraaister” (merci, José) Lesley-Ann, die op overvloedige wijze de stilaan teloorgaande Playboy vulde, groot nieuws was in de gazetten. Een periode van “belangrijke items” ivm gevonden besparingen en urenlange interventies van politiekers die ons wijsmaken dat het ons niets zal kosten. In zo’n zinloos tijdsfragment komt een gruwelijke mare.
Een Belgische bus verongelukt, 28 mensen sterven.
Als vader en grootvader ben je meteen ondersteboven en in emotie. 22 kindjes lieten het leven. Keiharde confrontaties vandaag in mijn gazet. Wondermooie foto’s van kinderen die zich uitleven in de sneeuw, hotdogs verorberen op de piste, berichtjes op de blog van hoe fantastisch het allemaal is. Bevroren momenten van geluk, voortaan definitieve getuigen van de heerlijkheid van het bestaan.
Tot de tijd brutaal stopt. In een oogwenk wordt euforie tragedie. Het zal maar je kind zijn: als ouder weet je nog niks, alleen dat er iets ergs gebeurde. De officiëlen willen terecht geen fouten maken. Stel je voor dat ze je melden: “Uw kindje overleefde” en een uurtje later een nieuw telefoontje: “Oeps, foutje…” Tussendoor gezegd, opa zijnde, ook grootouders delen diezelfde emoties.
Kinderen die sterven, de hele wereld leeft mee. Een leven dat in de startblokken zat wordt zomaar beëindigd. Niemand kan zich daarmee verzoenen.
Maar ook zes volwassenen lieten het leven. De twee chauffeurs hebben ouders, vrienden, een gezin. Je zou kunnen zeggen, ze verongelukten tijdens hun job. En dan? Plots stopte de tijd, niemand houdt daar vooraf rekening mee.
Mijn hart gaat ook, als begeleider van een eindejaarsreis, uit naar de vier “begeleiders”. Alleen idealisten, dromers, mensen die van hun job genieten, begeleiden een meerdaagse reis met leerlingen. Je houdt die jonge menskes die je zijn toevertrouwd constant in de gaten. Je zorgt ervoor dat het programma afgewerkt wordt, dat afspraken gerespecteerd worden, en vooral dat het voor uw gastjes een onvergetelijke belevenis wordt.
Deze mensen lieten het leven door hun gedrevenheid, hun inzet en enthousiasme, hun liefde voor de jeugd.
Laat het ons niet vergeten. Naast de verslagenheid over de jonge slachtoffertjes is ook voor de gezinnen, familie, vrienden van die zes volwassenen een enorm drama gebeurd.
De tijd stond even stil. En liep vervolgens meedogenloos door…
donderdag 15 maart 2012
zaterdag 10 maart 2012
100 Dagen en Den Ouden
Het is nu al een paar jaar dat ik me telkens weer de vraag stel: “Die onnozele 100 Dagen, waarom wilt ge u dat nog aantrekken. Ge zijt daar veel te oud voor”
En het is waar hoor, ik ben te oud. Gelukkig, sinds dit jaar ben ik niet meer de regelaar aan onze schoolpoort, zo vanaf 7.30 uur. Met warme dank aan Peter, Christa en Rik.
Dat komt daar toe, redelijk bezopen na een nachtje Overpoort. Geheel geverfd, blazend op fluitjes en Vuvuzela’s, compleet in volle doening. En gij als Ouden staat daar. Overbezorgd, évidemment. Niet qua bezopen en dergelijke, neen. Onze school is de enige die met haar muilke op den trottoir staat. Het VTI ligt een straat binnenin, St-Henri ligt in een put. Maar ons gastjes, heel Deinze heeft ze gezien, iedereen passeert daar. En wij maar proberen ze op dienen trottoir te houden, gewoon voor de veiligheid.
Nu, dit jaar was het niet nodig. Een leerling had zijn autooke binnen geparkeerd, een super luidspreker in de koffer, party was on. Vervolgens pleegden onze eindejaars een collectieve dans op onze splinternieuwe speelplaats.
Ieder jaar weer zorgen we voor een stevig ontbijt. Croissants, boterkoeken, chocoladekoeken, granen. En daarna zetten ze aan met de fiets naar de Balkan-staten.
Vanuit de Vlasschuur in Gottem, we denken dat die in feite bijna de eigendom is van onze Chris De Witte, starten ze voor een zoek- en sneukeltocht.
Er waren er bij die duidelijk “vermoeid” waren door de voorbije nacht. Ze werden meegesleept, ja opgekikkerd, door fittere kompanen.
Zelf was ik een “tussenpost”. Samen met Clarisse en Anneke, mama en zus van Christa, mocht ik ze verwelkomen, een potteke chocolade-créme van den Aldi aanbieden, een opdrachtje doen uitvoeren en het vervolg van het parcours uitdelen.
Welnu, meer dan ooit: de jeugd van tegenwoordig deugt hoor! Mens toch, zo beleefd en voornaam die gastjes. Geen zwijnerij, geen vuiligheid op de grond smijten, open en enthousiast mijnen opdracht (herken 9 wereldwijde monumenten) oplossen.
En daarna ook nog gedisciplineerd aan het mobiele frietkot gaan degusteren, rustig, elk op toerke. En nog op het gemak een pintje drinken, geen dwangmatig drinken.
Ligt dat nu aan ons of aan hen?
En het is waar hoor, ik ben te oud. Gelukkig, sinds dit jaar ben ik niet meer de regelaar aan onze schoolpoort, zo vanaf 7.30 uur. Met warme dank aan Peter, Christa en Rik.
Dat komt daar toe, redelijk bezopen na een nachtje Overpoort. Geheel geverfd, blazend op fluitjes en Vuvuzela’s, compleet in volle doening. En gij als Ouden staat daar. Overbezorgd, évidemment. Niet qua bezopen en dergelijke, neen. Onze school is de enige die met haar muilke op den trottoir staat. Het VTI ligt een straat binnenin, St-Henri ligt in een put. Maar ons gastjes, heel Deinze heeft ze gezien, iedereen passeert daar. En wij maar proberen ze op dienen trottoir te houden, gewoon voor de veiligheid.
Nu, dit jaar was het niet nodig. Een leerling had zijn autooke binnen geparkeerd, een super luidspreker in de koffer, party was on. Vervolgens pleegden onze eindejaars een collectieve dans op onze splinternieuwe speelplaats.
Ieder jaar weer zorgen we voor een stevig ontbijt. Croissants, boterkoeken, chocoladekoeken, granen. En daarna zetten ze aan met de fiets naar de Balkan-staten.
Vanuit de Vlasschuur in Gottem, we denken dat die in feite bijna de eigendom is van onze Chris De Witte, starten ze voor een zoek- en sneukeltocht.
Er waren er bij die duidelijk “vermoeid” waren door de voorbije nacht. Ze werden meegesleept, ja opgekikkerd, door fittere kompanen.
Zelf was ik een “tussenpost”. Samen met Clarisse en Anneke, mama en zus van Christa, mocht ik ze verwelkomen, een potteke chocolade-créme van den Aldi aanbieden, een opdrachtje doen uitvoeren en het vervolg van het parcours uitdelen.
Welnu, meer dan ooit: de jeugd van tegenwoordig deugt hoor! Mens toch, zo beleefd en voornaam die gastjes. Geen zwijnerij, geen vuiligheid op de grond smijten, open en enthousiast mijnen opdracht (herken 9 wereldwijde monumenten) oplossen.
En daarna ook nog gedisciplineerd aan het mobiele frietkot gaan degusteren, rustig, elk op toerke. En nog op het gemak een pintje drinken, geen dwangmatig drinken.
Ligt dat nu aan ons of aan hen?
donderdag 8 maart 2012
Weemoed
Ik vind “weemoed” iets heel positiefs. Wat is dat namelijk? Weemoed is volgens mij: je ziet tegenwoordig heel schone en geestige dingen gebeuren, en je denkt terug, herbeleeft weer dingen.
Je kleinkinderen komen op bezoek, je bent nu in de positie om ze te verwennen, je denkt terug aan de tijd toen jouw eigen kinderen ook zo’n onnozelaarkes waren die schreeuwden om aandacht. En je smijt je, je verwent ze meer dan pedagogisch verantwoord. En ergens voel je, ik probeer iets goed te maken. Weemoed.
En dan die leerlingen. De nooit ophoudende soap van dendienen is met dedie, volgende week een ander dramatisch verhaal. Jongen met meisje, jongen met jongen, meisje met meisje. Ze vertellen hun verhaal, en de weemoed zegt: waar is den tijd, de onzekerheid, de zwakke gefrustreerde moves, de overdreven aanbidding, het achteraf kortstondige plan van: ja, da’s die waarmee ik mijn leven wil opbouwen. En de volgende week weer wat anders… Als oudere kan je niet anders dan dit bekijken met weemoed.
Jonge leerkrachten komen binnen, vol enthousiasme. Sommigen gaan snel ten onder aan het cynisme van enige gedemotiveerden, anderen smijten zich volop voor allerlei initiatieven. Ik herken mij daar in, weemoed naar vervlogen tijden.
“Meneer, ge hebt nog les gegeven aan mijn (stief)papa, is dat mogelijk, neen toch?” Jawel, ik geef toe, ik voel mij gevleid, mijn leerlingen geloven niet dat ik 60+ ben. Bovendien vinden ze hun eigen ouders stokoud. Zo rond de veertig, ja OK, ook veel ouder… Weemoed als ik terugdenk aan die ouders, meestal braafkes, soms eens een speciaal geval, maar nooit miserie mee gehad. Ik hou van al mijn oud-leerlingen. Weemoed, zeker?
En dan natuurlijk de huidige muziek. Ongetwijfeld de max, maar ik durf betwijfelen dat er veel van de hedendaagse liedekijns de geschiedenis halen. Met weemoed denk ik terug aan mijn 14 jaar. Kennismaking met The Kinks, Elvis, The Beatles, The Stones, Donovan, Bob Dylan en de rest.
Maar “weemoed”, da’s een privilege van de Ouden.
Je kleinkinderen komen op bezoek, je bent nu in de positie om ze te verwennen, je denkt terug aan de tijd toen jouw eigen kinderen ook zo’n onnozelaarkes waren die schreeuwden om aandacht. En je smijt je, je verwent ze meer dan pedagogisch verantwoord. En ergens voel je, ik probeer iets goed te maken. Weemoed.
En dan die leerlingen. De nooit ophoudende soap van dendienen is met dedie, volgende week een ander dramatisch verhaal. Jongen met meisje, jongen met jongen, meisje met meisje. Ze vertellen hun verhaal, en de weemoed zegt: waar is den tijd, de onzekerheid, de zwakke gefrustreerde moves, de overdreven aanbidding, het achteraf kortstondige plan van: ja, da’s die waarmee ik mijn leven wil opbouwen. En de volgende week weer wat anders… Als oudere kan je niet anders dan dit bekijken met weemoed.
Jonge leerkrachten komen binnen, vol enthousiasme. Sommigen gaan snel ten onder aan het cynisme van enige gedemotiveerden, anderen smijten zich volop voor allerlei initiatieven. Ik herken mij daar in, weemoed naar vervlogen tijden.
“Meneer, ge hebt nog les gegeven aan mijn (stief)papa, is dat mogelijk, neen toch?” Jawel, ik geef toe, ik voel mij gevleid, mijn leerlingen geloven niet dat ik 60+ ben. Bovendien vinden ze hun eigen ouders stokoud. Zo rond de veertig, ja OK, ook veel ouder… Weemoed als ik terugdenk aan die ouders, meestal braafkes, soms eens een speciaal geval, maar nooit miserie mee gehad. Ik hou van al mijn oud-leerlingen. Weemoed, zeker?
En dan natuurlijk de huidige muziek. Ongetwijfeld de max, maar ik durf betwijfelen dat er veel van de hedendaagse liedekijns de geschiedenis halen. Met weemoed denk ik terug aan mijn 14 jaar. Kennismaking met The Kinks, Elvis, The Beatles, The Stones, Donovan, Bob Dylan en de rest.
Maar “weemoed”, da’s een privilege van de Ouden.
woensdag 7 maart 2012
Klokkenluider en de toekomst
Ach ja, hoe gaat dat. Ge bestelt kaarten voor “De Klokkenluider van de Notre Dame”. Enerzijds de dwingende doch liefdevolle blik van Ginette, anderzijds de warme sympathie voor regisseur Raymond, vervolgens de nieuwsgierigheid naar wat het jonge volkje van Crea-jeugdtheater er zou van bakken. Kortom, griepsgewijs gingen we voor de première!
Hm, goede keuze blijkbaar, want de good old Grand Palace was flink gevuld. En alras bleek: geheel terecht!!
Om even over het decor te praten: magistraal! Een would-be kathedraal verrees, met de obligate prachtige rozetten. De belichting zoals gewoonlijk: perfect.
En toen begon het. Wat toeristen lieten een gedemotiveerd koppeltje achter. Alras werden deze in de tijd teruggeworpen bij een nest straatkinderen. En voor de rest verklap ik niets over het verhaal, natuurlijk.
We zagen en hoorden wervelende kleine patoeters, zich begevend op roller-skates, omhoog en omlaagklimmend op de kathedraal, de functie van de rijen in een Grieks drama. We zagen een magnifieke bultenaar Quasimodo, een betoverende Esmeralda, een onuitstaanbare (dus goed gespeelde) Frollo. En we beleefden ook heel wat zang en dans in dit totaalspektakel.
Het beving mij met moed en weemoed. Zelf weet ik dat mijn planken-jaren stilaan uitgeteld zijn. Maar ik weet ook welke voldoening ik er uit haalde, de zelfwaardering, de kameraadschap. En nu zag ik hoe goed het er uit ziet voor de toekomst.
Al die jonge gastjes die zich smijten, die zich intussen thuis voelen op die planken. Ja, meesmuilend zag ik er ook enigen die met vedetten-allures hun cola-light gingen bestellen in The Palace. En even een haarlok op de juiste plaats leggen (12 jaar of zo…), je weet maar nooit of die paparazzi…
Ja, de toekomst ziet er goed uit!!
Hm, goede keuze blijkbaar, want de good old Grand Palace was flink gevuld. En alras bleek: geheel terecht!!
Om even over het decor te praten: magistraal! Een would-be kathedraal verrees, met de obligate prachtige rozetten. De belichting zoals gewoonlijk: perfect.
En toen begon het. Wat toeristen lieten een gedemotiveerd koppeltje achter. Alras werden deze in de tijd teruggeworpen bij een nest straatkinderen. En voor de rest verklap ik niets over het verhaal, natuurlijk.
We zagen en hoorden wervelende kleine patoeters, zich begevend op roller-skates, omhoog en omlaagklimmend op de kathedraal, de functie van de rijen in een Grieks drama. We zagen een magnifieke bultenaar Quasimodo, een betoverende Esmeralda, een onuitstaanbare (dus goed gespeelde) Frollo. En we beleefden ook heel wat zang en dans in dit totaalspektakel.
Het beving mij met moed en weemoed. Zelf weet ik dat mijn planken-jaren stilaan uitgeteld zijn. Maar ik weet ook welke voldoening ik er uit haalde, de zelfwaardering, de kameraadschap. En nu zag ik hoe goed het er uit ziet voor de toekomst.
Al die jonge gastjes die zich smijten, die zich intussen thuis voelen op die planken. Ja, meesmuilend zag ik er ook enigen die met vedetten-allures hun cola-light gingen bestellen in The Palace. En even een haarlok op de juiste plaats leggen (12 jaar of zo…), je weet maar nooit of die paparazzi…
Ja, de toekomst ziet er goed uit!!
maandag 27 februari 2012
Den Opera
Wie mijn vorige blog las en over een scherpe geest beschikt vroeg zich wellicht af: hoe hebben diene Peter en diene Wally die eerste avond gespendeerd.
Welnu, we begaven ons naar het Noorden van het Wenceslasplein, een boulevard die zich middernachtelijk ontpopt tot een oord des verderfs. Overdag Art Nouveau, bezienswaardigheden, des nachts prostitutie, drugs, harde sex-shows.
En ja, het was de moeite!!! We hadden namelijk twee plaatsen op de tweede rij in de Staatsopera van Tsjechië voor… den Opera.
Nog nooit in mijn leven had ik een operavoorstelling meegemaakt. Ik, die jarenlang, vanaf mijn 15 jaar de meest onwaarschijnlijke rock, pop, punk, new wave, gothic, hard rock, hard core, enfin noem maar op, aan het werk zag. Opera!!
We zaten in een ongelooflijk kader, Google maar eens afbeeldingen van de Praagse Staatsopera, op de tweede rij. Het was “Aida” van Verdi.
Maar mens toch, ben ik daar uit mijn schoenen geblazen zeg!
Die gigantische decors die op een paar minuten tijd verwisseld worden, ok, je vraagt je nog even iets af over de logistiek.
Maar alras werd deze oude rocker, totaal tegen eigen verwachtingen in, geroerd door het gezang van sopranen en tenoren. Och, het is het aloude verhaal hoor, Aïda, de driehoeksverhouding die sowieso slecht afloopt. Soldaat verliefd op slaaf, prinses verliefd op soldaat, slaaf verliefd op enz. Ik kijk nooit naar “Familie” of “Thuis”.
Maar deze simplistische story wordt kippenvel zo maar live voor jou opgevoerd.
Overweldigend is de massascène met meer dan 100 zingende mensen on stage, maar vooral indrukwekkend is de prestatie van de solisten.
De prinses die haar liefde ziet ontglippen, de stoere krijger die de slaaf bemint, de slaaf Aïda verscheurd tussen haar liefde voor de krijger en haar vader, ach als rocker kan je dit belachelijk vinden.
Desalniettemin, ik wil niet de rock etc songs op een rijtje zetten die hierover gaan… De voorstelling duurde zowat 2.45 uur.
Maar… Er stonden daar gedurende een half uurke meer dan 100 mensen op scéne, die zongen in wonderbaarlijke harmonie samen met een formidabel symfonisch orkest.
En dan die solisten, sopranen, tenoren, die moeiteloos, zonder schreeuwen toch nog nuances en toonhoogtes haalden: ja, zwaar respect.
En mochten we even relaxen? We genoten onze maaltijd in een heel speciaal etablissement. Het was voorzien van miniatuur-spoorwegen. Aan iedere tafel werd via een spoorlijntje de gecommandeerde pint geleverd via een marchandiseke. Echt plezant. Het eten daarentegen tja…
Ge kunt niet alles willen, hé.
Welnu, we begaven ons naar het Noorden van het Wenceslasplein, een boulevard die zich middernachtelijk ontpopt tot een oord des verderfs. Overdag Art Nouveau, bezienswaardigheden, des nachts prostitutie, drugs, harde sex-shows.
En ja, het was de moeite!!! We hadden namelijk twee plaatsen op de tweede rij in de Staatsopera van Tsjechië voor… den Opera.
Nog nooit in mijn leven had ik een operavoorstelling meegemaakt. Ik, die jarenlang, vanaf mijn 15 jaar de meest onwaarschijnlijke rock, pop, punk, new wave, gothic, hard rock, hard core, enfin noem maar op, aan het werk zag. Opera!!
We zaten in een ongelooflijk kader, Google maar eens afbeeldingen van de Praagse Staatsopera, op de tweede rij. Het was “Aida” van Verdi.
Maar mens toch, ben ik daar uit mijn schoenen geblazen zeg!
Die gigantische decors die op een paar minuten tijd verwisseld worden, ok, je vraagt je nog even iets af over de logistiek.
Maar alras werd deze oude rocker, totaal tegen eigen verwachtingen in, geroerd door het gezang van sopranen en tenoren. Och, het is het aloude verhaal hoor, Aïda, de driehoeksverhouding die sowieso slecht afloopt. Soldaat verliefd op slaaf, prinses verliefd op soldaat, slaaf verliefd op enz. Ik kijk nooit naar “Familie” of “Thuis”.
Maar deze simplistische story wordt kippenvel zo maar live voor jou opgevoerd.
Overweldigend is de massascène met meer dan 100 zingende mensen on stage, maar vooral indrukwekkend is de prestatie van de solisten.
De prinses die haar liefde ziet ontglippen, de stoere krijger die de slaaf bemint, de slaaf Aïda verscheurd tussen haar liefde voor de krijger en haar vader, ach als rocker kan je dit belachelijk vinden.
Desalniettemin, ik wil niet de rock etc songs op een rijtje zetten die hierover gaan… De voorstelling duurde zowat 2.45 uur.
Maar… Er stonden daar gedurende een half uurke meer dan 100 mensen op scéne, die zongen in wonderbaarlijke harmonie samen met een formidabel symfonisch orkest.
En dan die solisten, sopranen, tenoren, die moeiteloos, zonder schreeuwen toch nog nuances en toonhoogtes haalden: ja, zwaar respect.
En mochten we even relaxen? We genoten onze maaltijd in een heel speciaal etablissement. Het was voorzien van miniatuur-spoorwegen. Aan iedere tafel werd via een spoorlijntje de gecommandeerde pint geleverd via een marchandiseke. Echt plezant. Het eten daarentegen tja…
Ge kunt niet alles willen, hé.
Praag: eindigen in schoonheid
Maanden geleden besloten Christa en ik om nog eens de eindejaarsreis naar Praag te helpen begeleiden. Het was al een tijd geleden. Maar toch, een reis die diep in ons hart ligt. Enerzijds omdat we ze zelf oprichtten, anderzijds de druk van ons leerlingskes: “Alstublieft, nog ene keer”.
Allez vooruit! Ik had de luxe om met goede vriend Peter de dag voordien te vertrekken met de vlieger, de rest kwam later per autobus. Wij moesten preparatieven treffen. “Piece of cake”, dacht ik voordien, ik beken.
Bovendien had ik de chance bij de check-in Matej Ptaszek te treffen, begenadigd blues muzikant met wie ik toch een speciale band heb. Voor het eerst ontmoet op de Karelsbrug in Praag, later nog vele keren in België en Frankrijk. Anyway, na geknuffel (met Matej, welteverstaan) en fijne babbel en leuke momenten op de luchthaven (samen een gazet lezen in comfortabele omstandigheden) bevonden Peter en ik ons te Praag.
Een geheel Jovanovic-sprekende chauffeur, mét cowboyhoed én Paternoster, “Challo Sirs” bracht ons ter bestemming.
Interesseert het jullie dat we ergens 100 m onder Praag de metro-abonnementen voor onze groep moesten bemachtigen en dat dit, op allesbehalve enthousiaste wijze, toch drie kwartier duurde? En nog een kwartier voor reçuutjes? Of dat we voor onze groep tickets moesten laten uitprinten voor een prachtige black-light voorstelling, genre Laterna Magica? Het was nog zo een “njjjem, njjjem” naaldenprinterke. Half uurke in de ijzige kou. Of dat ze in het hotel weer van toeten of blazen wisten ivm de kamerverdeling, hoewel alles minutieus was doorgestuurd? En dat ge de volgende dag twee en en half uur moogt formulierkes invullen per deelnemer, paspoortnummer ed incluis? Er moet daar nog ergens een Sovjet achter de coulissen zitten. Of, meer waarschijnlijk, in de genen.
Kortom, we waren heel blij dat we de dubbeldekker zagen aankomen. Gewuif uit alle ramen, wat even mijn ego streelde. Helaas, natuurlijk waren ze in feite blij ter plekke te zijn, de langverwachte eindejaarsreis.
Verwacht hier geen reisverslag. Het was voor ons, Christa en ik, voor onze allerlaatste keer, een unieke trip. Vermoeiend, dat weet iedereen die ooit een reis begeleidde, het is geen vakantie hé.
Maar onze leerlingen luisterden aandachtig naar onze uitleg, waren steeds stipt op alle afspraken, dronken er soms ene teveel maar hey ’t is een eindejaarsreis en ze zorgden nooit voor overlast. Zo begaf ik mij, jullie weten dat, totaal tegen mijn zin ;-) rond 12.00 naar hun favoriete etablissement, samen met menig andere begeleider.
En toen ik mijnen toer deed om te zeggen “Gastjes, ’t is de moment” daalden ze af van tafels, ledigden mij onbekende dranken, grepen hunne “palto” en kwamen mee naar het hotel. Ja, zeg, onderwijsmensen begrijpen hoe speciaal dit was. En de volgende ochtend: allemaal komen ontbijten, de ene al frisser dan de andere maar weer enthousiast. Neen, nog nooit meegemaakt.
Spijtige afknapper bij de terugreis, de bus viel in panne. Ze hebben daar bijna zeven uur in de ijzige koude stilgestaan. Zelf zat ik intussen doodziek in mijne nest, maar ik hoorde dat deze formidabele groep, leerlingen en begeleiders, dit zonder veel geklaag doorstond.
En dan krijgt ge weer goesting natuurlijk. Wie het meemaakte weet hopelijk welke band ge daar met uw leerlingen krijgt, voor de meeste levenslang. Maar: neen, dit was de allerlaatste maar van vele mooie: de allermooiste! We eindigden in schoonheid
Allez vooruit! Ik had de luxe om met goede vriend Peter de dag voordien te vertrekken met de vlieger, de rest kwam later per autobus. Wij moesten preparatieven treffen. “Piece of cake”, dacht ik voordien, ik beken.
Bovendien had ik de chance bij de check-in Matej Ptaszek te treffen, begenadigd blues muzikant met wie ik toch een speciale band heb. Voor het eerst ontmoet op de Karelsbrug in Praag, later nog vele keren in België en Frankrijk. Anyway, na geknuffel (met Matej, welteverstaan) en fijne babbel en leuke momenten op de luchthaven (samen een gazet lezen in comfortabele omstandigheden) bevonden Peter en ik ons te Praag.
Een geheel Jovanovic-sprekende chauffeur, mét cowboyhoed én Paternoster, “Challo Sirs” bracht ons ter bestemming.
Interesseert het jullie dat we ergens 100 m onder Praag de metro-abonnementen voor onze groep moesten bemachtigen en dat dit, op allesbehalve enthousiaste wijze, toch drie kwartier duurde? En nog een kwartier voor reçuutjes? Of dat we voor onze groep tickets moesten laten uitprinten voor een prachtige black-light voorstelling, genre Laterna Magica? Het was nog zo een “njjjem, njjjem” naaldenprinterke. Half uurke in de ijzige kou. Of dat ze in het hotel weer van toeten of blazen wisten ivm de kamerverdeling, hoewel alles minutieus was doorgestuurd? En dat ge de volgende dag twee en en half uur moogt formulierkes invullen per deelnemer, paspoortnummer ed incluis? Er moet daar nog ergens een Sovjet achter de coulissen zitten. Of, meer waarschijnlijk, in de genen.
Kortom, we waren heel blij dat we de dubbeldekker zagen aankomen. Gewuif uit alle ramen, wat even mijn ego streelde. Helaas, natuurlijk waren ze in feite blij ter plekke te zijn, de langverwachte eindejaarsreis.
Verwacht hier geen reisverslag. Het was voor ons, Christa en ik, voor onze allerlaatste keer, een unieke trip. Vermoeiend, dat weet iedereen die ooit een reis begeleidde, het is geen vakantie hé.
Maar onze leerlingen luisterden aandachtig naar onze uitleg, waren steeds stipt op alle afspraken, dronken er soms ene teveel maar hey ’t is een eindejaarsreis en ze zorgden nooit voor overlast. Zo begaf ik mij, jullie weten dat, totaal tegen mijn zin ;-) rond 12.00 naar hun favoriete etablissement, samen met menig andere begeleider.
En toen ik mijnen toer deed om te zeggen “Gastjes, ’t is de moment” daalden ze af van tafels, ledigden mij onbekende dranken, grepen hunne “palto” en kwamen mee naar het hotel. Ja, zeg, onderwijsmensen begrijpen hoe speciaal dit was. En de volgende ochtend: allemaal komen ontbijten, de ene al frisser dan de andere maar weer enthousiast. Neen, nog nooit meegemaakt.
Spijtige afknapper bij de terugreis, de bus viel in panne. Ze hebben daar bijna zeven uur in de ijzige koude stilgestaan. Zelf zat ik intussen doodziek in mijne nest, maar ik hoorde dat deze formidabele groep, leerlingen en begeleiders, dit zonder veel geklaag doorstond.
En dan krijgt ge weer goesting natuurlijk. Wie het meemaakte weet hopelijk welke band ge daar met uw leerlingen krijgt, voor de meeste levenslang. Maar: neen, dit was de allerlaatste maar van vele mooie: de allermooiste! We eindigden in schoonheid
zaterdag 11 februari 2012
Are you lonesome tonight?
Naar “Deinze Lacht” gaan, steeds weer komt het ongelegen. Zuchten en blazen, maar ja, we hebben dat abonnement, dus…
Maar gewis, steeds weer zijn we blij verrast door wat ons wordt aangeboden. Nooit voorspelbaar, vier totaal verschillende voorstellingen. We hadden de weergaloze Ukuleles, maar evengoed een geestige Antwerpenaar (dat Van Peelke) en de onovertroffen Piv.
De laatste act waren Septem Viri.
Ik keek er niet echt naar uit. Wellicht de goedkoopste dacht ik, nog even een vierde act organiseren. Maar neen hoor, het was geen gezelschap uit de solden.
Waren Septem Viri het hoogtepunt van het seizoen? Of iets minder? Ik vind dat we gewoon geen klassement kunnen maken.
Want die kerels waren virtuoos. Mens toch, dat zingen in close harmony, zo perfect.
En nog steeds vraag ik mij af waarom ze bovendien zo grappig waren.
Ik vermoed dat het de “tongue in cheek” was, onderhuidse humor, totaal foute heup-moves van heren-op-leeftijd.
Het dartele omgaan met klassieke oldies, het aanknopen met de formidabele “Barber Shop” singing, en...
Vlak bij ons kwamen die sjarels een pittige eigen versie van “Are you lonesome tonight” brengen bij mijn schoonzusje.
Verbluffend die stemmen die we van zo dichtbij mochten meemaken. Geen oortjes noch micro’s, pure natuur. En uiteraard Westvlaamse onnozelaars.
En die mensen, wel, dat zingen, dat is niet hun beroep. Die doen dat gewoon doodgraag, en dat voel je tijdens de hele voorstelling.
En daarna, aan den toog, dan zingen ze gewoon weer, het is hun bestaan: Ramona!
Maar gewis, steeds weer zijn we blij verrast door wat ons wordt aangeboden. Nooit voorspelbaar, vier totaal verschillende voorstellingen. We hadden de weergaloze Ukuleles, maar evengoed een geestige Antwerpenaar (dat Van Peelke) en de onovertroffen Piv.
De laatste act waren Septem Viri.
Ik keek er niet echt naar uit. Wellicht de goedkoopste dacht ik, nog even een vierde act organiseren. Maar neen hoor, het was geen gezelschap uit de solden.
Waren Septem Viri het hoogtepunt van het seizoen? Of iets minder? Ik vind dat we gewoon geen klassement kunnen maken.
Want die kerels waren virtuoos. Mens toch, dat zingen in close harmony, zo perfect.
En nog steeds vraag ik mij af waarom ze bovendien zo grappig waren.
Ik vermoed dat het de “tongue in cheek” was, onderhuidse humor, totaal foute heup-moves van heren-op-leeftijd.
Het dartele omgaan met klassieke oldies, het aanknopen met de formidabele “Barber Shop” singing, en...
Vlak bij ons kwamen die sjarels een pittige eigen versie van “Are you lonesome tonight” brengen bij mijn schoonzusje.
Verbluffend die stemmen die we van zo dichtbij mochten meemaken. Geen oortjes noch micro’s, pure natuur. En uiteraard Westvlaamse onnozelaars.
En die mensen, wel, dat zingen, dat is niet hun beroep. Die doen dat gewoon doodgraag, en dat voel je tijdens de hele voorstelling.
En daarna, aan den toog, dan zingen ze gewoon weer, het is hun bestaan: Ramona!
Abonneren op:
Posts (Atom)