dinsdag 19 maart 2013

Doping...


Mag ik eerlijk zijn? Die “bekentenissen” en “onthullingen” over doping in de wielersport hangen mij de keel uit.

Ik ben een wielerliefhebber, en ik heb nog nergens iets vernomen wat ik niet allang wist.

Sinds mensenheugenis zoeken wielrenners naar middelen om hun prestaties te verbeteren. Van een Trappist met een ei (den Briek) tot champagne en paardenspuiten (Freddy). Dit heeft mij nooit belet om te genieten van een schone koers. Trouwens, ik ben er zeker van dat er ook nu spitstechnologie gebruikt wordt om renners te doperen. So what? Mag ik niet meer genieten?

Wie spreekt er over American Football, de NBA, de tennis, het langlaufen… Allemaal prachtig om te bekijken. Mag ik niet meer genieten?

Beatles, Stones, Jimi, Janis, Clapton en duizenden anderen waren gedopeerd, bezorgden de mensheid onvergetelijke nog steeds durende momenten. Geschorst moeten ze worden, die gasten. Al hun nummer één hits verwijderen! Al die royalties terug storten! En ik mag dan ook niet meer genieten.

Sherlock Holmes zat aan de opium. Verbranden die boeken! Gedaan met genieten.
Rimbaud, Van Gogh, Edgar Allan Poe, Baudelaire, Jean Cocteau, Stephen King, Philip K. Dick, Huxley, William S. Burroughs, Jack Kerouac… Allemaal gedopeerd. Burn ‘m. Gedaan met genieten.

Het is des mensen om zichzelf boven de eigen beperkingen te tillen. Elk doet dit op eigen risico, maar wil vooral excelleren.

Niets nieuws dus. Maar ik zal blijven genieten.

dinsdag 5 maart 2013

De Koe


Af en toe besluipt mij een mijmering naar het bucolische leven.
Alleen al het aanzicht van mijn linkervoet geeft mij reminiscenties aan een Vlaamsche Biet.
In dit stukje wil ik het opnemen voor de koe. Deze herbivoor wordt tegenwoordig zwaar in diskrediet gebracht door het edele dier, Het Paard, wier stoffelijke overschotten tegenwoordig geheel illegaal in een prefab-maaltijd worden aangebracht.
Allereerst moet ik iets duidelijk maken. Een paard is niet meer van adelstand dan een koe.
OK, ik zie nog niet direct een koe deelnemen aan Waregem-Koerse. Waarom ook? Een verstandige koe zal gezapig grazen aan de zich voordoende hindernissen en zal zich rustig laven aan de Gaverbeek. Die paarden, die laten zich afjakkeren, riskeren lijf en leden, smijten zich en krijgen met de zweep. Dutsen!  Een koe zou zich dit niet laten welgevallen, hoor. Een paard is een slaaf.
Begeef u eens door de Vlaamsche weiden. Ge passeert een meers vol paarden. Wat doen ze? Wegstuiven tallenkant! “Dju, we gaan hier toch niet weer moeten koersen zeker?” zie je ze wanhopig denken.
Dan een weide vol koeien. Ze komen af, koesteren u, doen een loeiende babbel. Kurieuzeneuzen. Ze willen alles gezien hebben. “Hoe zit het met de laatste roddels?”
Een koe is een slimme beeste, kent de eigen naam. Ik heb een paar koeien ontmoet, en wellicht van hun heerlijk vlees gegeten. Maar meer en meer denk ik erover na…

zondag 3 maart 2013

DE AVONDEN (in de Rekkelinge)


Ik moet het toegeven, als Waregem-immigrant, cultuur krijgt stilaan vaste voet in Deinze. Stadsdichter Martin Carrette, Cultuurschok, VTBKultuur, Letters & Co, …, Deinze komt tot leven. Wat zeg ik, Deinze Leeft!

Twee wonderbaarlijke avonden mochten we beleven.
Dankzij Cultuurschok hadden we het voorrecht op vrijdag een concert van Derek en vrienden mee te maken. En wat voor vrienden had Derek meegebracht. Het puikje van muzikanten die zelden of nooit de pers halen, maar o zo briljant zijn. De weergaloze Rony Verbiest, die tovert op de accordeon of saxofoon, die tussen elke muzieklijn op subtiele wijze zijn plekje vindt. De Danny Federici van Vlaanderen. Mario Vermandel met de contrabas, bescheiden doch steeds aanwezig, stevige ruggengraat samen met de formidabele percussie van Cesar Janssens. En Hans met de gitaar schudt daar eventjes verbluffende solo’s uit zijn mouw als het nodig is, begeleidt discreet de liedjes van Derek.

Derek, dus. Voor vele bezoekers van De Rekkelinge een absolute openbaring. Zijn liedjes hebben pakkende teksten, soms geestig, nooit kwetsend. Ik denk dat ik zijn songs kan omschrijven met “Weemoed”. Vriendschappen die komen en gaan, de liefde altijd weer de liefde, maar ook het simpele avondlijke genieten van het ruisen van de natuur.
Derek is ook een geweldige performer. Zijn expressieve smoel zweeft tussen een brede lach, intense smart, en weer terug. Zijn drie meter lange lijf (zo lijkt het) plooit zich in zeven kreukels door de passie die zijn muziek brengt. We zagen vijf muzikanten waar het genot van samen muziek maken gewoon afspat, en het publiek gaat daar moeiteloos in mee. Voor mij is Derek intussen een goede kameraad, voor velen eindelijk een ontdekking. Oh by the way (bisnummer, Derek & The Dirt), mijne favoriet is: “Aan het graf van Gerard Reve”

En toen, op een schimmige manier, was het plots zaterdag. “Oela”, was mijn zowat eerste gedachte, “Vanavond Piv Huvluv en Steve Wynn”. Jawel, in De Rekkelinge, lieve lezer. Wat een luxe voor Deinze. Merci, vtbKultuur.

Wat kan ik nog zeggen over de geestigste mens van de Vlaanders? Een snipverkouden Piv kon ons weer tranen doen lachen. Frederic Camargue, the Crazy Horse, deed ons rocken in The Free World, Boney M zal nooit meer hetzelfde klinken sinds Piv op overtuigende wijze de dance-moves van Bobby Farrell bracht.
Wat te zeggen over Steve Wynn? Om te beginnen een schat van een bescheiden mens. Zalige babbel achteraf. Vergeet het niet, Steve is wereldberoemd, weliswaar overal in beperkte kring. Een punk-cult-held. Ik genoot enorm van zijn songs. Toen ik hem zei dat ik in feite andere muziek van hem had verwacht, The Dream Syndicate hé mensen, zei hij: “Komaan, ik moet hier nu niet meer de punker gaan uithangen. Dit is nu de muziek waar ik me in uitleef.” Pas op, lieve mensen, zijn teksten hebben nog steeds edgy randjes. Het was wreed schoon, maar...

Eigenlijk was er vooral één magisch moment. Bruno Deneckere en Derek waren special guests. Reeds bij de eerste akkoorden zag je de mensen naar elkaar kijken met verbaasde blik. “Amai, wat is me dat hier zeg” De magie tussen die twee, de perfecte harmonie tussen die twee machtig mooie stemmen! Wat een schande dat ze in feite zo weinig bekend zijn bij het grote publiek.

Het einde van de avond was geniaal. Piv, Steve, Bruno en Derek die in herhaling Bamboo Jack van Will Tura brachten. Mijn geheime lol was: diene Steve, die weet totaal niet wat die andere gasten op zgn ernstige wijze (behalve Bruno) aan het zingen zijn. Achteraf zei Steve tegen mij: “Hey, it’s music AND fun” Een unieke formule, geweldig geslaagd!

dinsdag 12 februari 2013

Gentsche lolle


Brief van een moeder an heure zeune in ’t leger

Beste zeune
Ik schrijf u dezen brief om eu te loate wete dat kik u schrijve.
Oas ge dezen brief ontvangt hedd’em gekrege. Moest g’hem nie gekregen hen, verwittigt mij toens da’k hem were kan versture.
Ik schrijve nogal troage omda’k wete dadde nie rap keunt leze.
Overloast hee eu pa ieveranst geleze dan de mieste ongelukke op nog giene kilometer van eu huis gebeure. En doarveure zijme wa vuder goan weune. ’t Zuust adres weetekik nog nie want de veurige huurders hen den huisnuméro meegepakt.
‘k Hè vandeweke een nieuwe veste veur eu gekocht en ‘k zal ze opsture. Moar, nonkel Zif hee gezeid dan de knope te zwoar zijn en da’t dus mier goa koste veur hem op te sture. Doarom hè kik die knope der afgesneeje en ze in euw zakske gestoke.
Van nonkel Isidoor, die persede joare gestorven es, hure w’uuk niets ne mier.
’t Goe nieuws es da euwe pa promose gemoakt hee. Hij hee neu 500 man onder hem, gezien dat hij ’t ges afrijdt op ’t kirkof hiere in de gebuurte.
Eu zuster Julia, ge weet wel, dedie die mee eure man getréwd es, es bevallen. Me weten feitelijk nog nie of da’t ne jongen of een meiske is, en dus weten w’uuk nie of dadde neu tante of nonkel geworde zijt…
Passede weke hee euw broere Zuul zijn autodeure toegeslege tebinst da zijn sleutels nog op het contact zate. En dus est hij mee de bus noar huis moete rije veur zijn riservesleutels. Veur ons uit den auto te keunen loate.
Ps: ‘k Zoe eu nog wat geld opgestuurd hen moar k’hoa den envelop al toegeplakt.

zaterdag 2 februari 2013

Homo?


Sommigen vragen mij: “Heb jij wat met holebi’s? Want op uwe Facebook, ge trekt toch serieus aan voor homo’s.”
Welnu, lieve vrienden, ik zal niet meer van gedacht veranderen. Zo straight als maar kan, hopelijk zonder macho taferelen, maar dat moet je aan mijn vrouwke vragen.
Hoe lang stond ik in het onderwijs? 38 jaar, denk ik.
Het waren jaren vol vreugde. Mens toch, naast het obligate produceren van de leerstof was er bij mij, hoop ik, steeds ruimte. Ruimte voor grappige zever. Ruimte voor praten over muziek. Buiten de lessen, ruimte voor een persoonlijke babbel.
Steeds weer stroomde mijn hart vol toen leerlingen bij mij, was het op een 100-dagen fuif of tijdens een toevallig café-moment, vertelden hoe hun leven was als holebi, of zelfs in de klas.
Steeds weer wilde ik die gastjes in bescherming nemen. De schrijnende toestanden van niet te mogen zeggen wat je voelt. De opluchting dat sommige ouders uiteindelijk “accepteerden”, en later zowaar héél gelukkig werden toen er alsnog kleine boelekes geboren werden.
Maar ook, het blijvende niet willen aanvaarden, het agressieve, conservatieve, “wat gaan de mensen zeggen”, dodelijke afkeuren, waardoor sommigen de laatste stap hebben gezet.
Bijna ben ik met pensioen. Maar ik zal altijd met een héél warm hart mijn leerlingskes en collega’s “van den andere kant” blijven erg graag zien. En blijven mijn nek uitsteken.

donderdag 24 januari 2013

Laatste schooljaar 9


Ik ben helemaal niet verbaasd over de huidige vaststellingen dat jonge gastjes die in het onderwijs willen treden zo’n gebrekkige brede kennis hebben.
Zonder ondersteuning van universitaire studies merk ik die bergaf sinds een jaar of tien. Steeds meer houden jonge leerkrachten zich krampachtig vast aan leerplannen, steeds minder kunnen ze terugvallen op het geheim van aantrekkelijk lesgeven: verhalen vertellen en de lessen spannend maken.
Bijvoorbeeld: Handelscorrespondentie: De schrijvers van de Middeleeuwen op velijn, de postduiven, de koerierdiensten van Thurn und Taxis.
Of efkes via Bruce Springsteen een nieuwe waaier openen.
Alhier spreekt diegene die zijn 5de moest dubbelen voor geschiedenis. En wel geheel terecht wegens geen bal gestudeerd, dat ging toen zo.
En zeggen dat ik gisteren gefascineerd naar een documentaire keek over Montezuma en de Azteken. Ik zei tegen mijn vrouwke: mocht ik nu weer in mijn middelbaar Latijn-Grieks zitten, mens toch, dat zou mij interesseren.
Kan ik dit gebrek aan algemene kennis ten kwade rekenen aan onze jongskes? Neen!!
Ze beleven het tijdperk van “leuker leren”. Tralala, tofkes, prentjes zoeken op het internet, copy paste waar ze zich niets van herinneren. In de gazet, als ze die ooit lezen: Lesley silicone Poppe, Justin Bieber, …
Een opdrachtje over Syrië, copy paste. Dringt niet door. Somalië, moeilijk. Enzovoort.
Neen. De fout ligt bij de zgn “hogere” instanties. De lat steeds lager.
Voor de talen mag er nooit meer dictee zijn.
Historische gebeurtenissen memoriseren: neen!
De wet van de minste inspanning.
Ik geloof er niet meer in.

donderdag 20 december 2012

Onderwijs


Hoewel ik een vrucht ben van een schoolmeestersfamilie had ik nooit verwacht in het onderwijs te belanden.
Ik ging het maken in de bankwereld. En ja, ik heb daar een tijdje nogal wat centen verdiend (al lang opgebruikt, uiteraard).
Tot ik op een late avond belandde bij mijn oude en toekomstige mentor EH Dierickx. Zelf zat ik diep in de put, een lot dat Willy later helaas beschoren was.
“Zou je niet bij ons komen lesgeven, Geert? Want ge zijt een geboren leraar.”
En aldus geschiedde. Ik begaf mij in het onderwijs. Meteen was ik een rare vogel in de Handel. Geen boekhoudersmentaliteit, om zo te zeggen. Parka, palestijnensjaalke, haar tot op de schouders (yes, I used to have hair…) Later kortgeschoren, lederen vest, lichte scheurkes in de jeans, punk-tijd.
Van bij het begin was mijn principe: ik kom geen les geven om al dan niet punten toe te kennen. Mijn eindwerk in de later volgende D-cursus (nu lerarenopleiding) was een pleidooi om de relativiteit van punten te bekijken. Met een vijf ben je geslaagd, ben je dan bijvoorbeeld een goede informaticus?
Steeds had ik voor ogen de mij toevertrouwde gastjes iets bij te brengen. Hetzij in mijn vakjes, hetzij op menselijk vlak, hetzij uiteraard de liefde voor muziek. Wie van muziek houdt komt altijd goed terecht.
Menigeen ergerde zich allicht aan mijn extatische gesprekken over Springsteen. Of over de Sex Pistols. Ja, ik denk dat de vele brave leerlingskes mij maar een onnozelaar vonden. Maar het leuke blijft. “Meneerke Walgraeve, we hebben bij u veel geleerd, maar we hebben het maar achteraf beseft.” Schoon, hé.
Ik denk dat ik mijn leerstof steeds verpakte in een mooi gebakje. Ze smulden het op, zonder te weten wat ze binnen kregen.
Wat mij echter vooral zal bijblijven is het contact met mijn gastjes. Steeds mocht ik delen in hun vreugdes. Maar ook in hun verdriet. Thuis de boel op de klippen, hatelijke toestanden. Gay zijn en het toch aan iemand mogen vertellen. Gedaan met het lief, vantijds had ik er eentje in mijn armen in diepe droefenis.
Ware het niet van al die steriele vergaderingen, luchtbelvormende woorden, onbegrijpende ouders, ik zou nog wat verder doen hoor.
Want! Smijt die deur toe achter mijn gat, geef mij mijn leerlingskes en laat mij mijn onconventionele ding doen. Dan, ja, de mooiste job die er is!